Naar de inhoud springen

Gevoelens & emotiesNederlands

Fien en de rollende wortel

Fien was het enige konijn in het hele hol met één oor omhoog en één oor omlaag. Maar als ze boos werd, ging het zakkende oor ook rechtop staan. Dan wist iedereen het meteen.

Fien woonde in een hol met vijf gangen. Vandaag bouwde ze een berg van wortels. Er miste er nog maar één, de dikste, bovenop. Dan was de berg klaar. Het was het mooiste wat ze ooit gemaakt had.

Ze zette de dikke wortel erop. Wiebel, wiebel… en hup, hij rolde de berg af en de eerste gang in.

Fien rende erachter. Bijna! Haar pootjes pakten hem net niet. De wortel rolde door.

"Stom ding!" riep Fien. Nu stonden allebei haar oren rechtop. Haar buik voelde zo heet als soep. Stamp, stamp, stamp, deden haar voeten.

Ze rende gang twee in. Ze rende gang drie in. Elke keer lag de wortel net een stukje verder weg.

Ineens ging de vloer open. Er stak een mol zijn kop door de grond, met stof op zijn neus.

"Oei," zei hij. "Verkeerde afslag. Ik ben Tijs. Ik moet naar mijn tante en ik ben de weg kwijt."

"Mijn wortel wil niet blijven liggen!" riep Fien.

"Vervelend," zei Tijs. "Maar ik moet naar links." Hij draaide zich om en weg was hij. Alleen een rond gat bleef over.

Fien plofte neer op de grond. Ze was moe van het stampen. Ze keek naar de gangen. Gang één liep schuin naar beneden. Gang twee ook. Gang drie ook.

Alle gangen liepen naar dezelfde plek. Naar haar slaapkamer!

Dus Fien holde niet meer. Ze ging in het zachte mos zitten, precies waar de gangen samenkwamen. Ze haalde diep adem. Ze wachtte.

Het bleef stil. Ver weg hoorde ze Tijs krabben: krab, krab, krab.

Toen kwam er iets aanrollen, steeds zachter. Tok. De dikke wortel stootte tegen haar teen en bleef liggen.

Fien pakte hem op en hield hem in haar armen. Haar buik werd langzaam lauw. Haar ene oor zakte omlaag, en het andere bleef staan.