Naar de inhoud springen

Lichaam & zintuigenNederlands

Lotte plas op het potje

Lotte wilde op het potje plassen, helemaal zelf. Papa had het gele potje midden in de badkamer gezet. Er zat een eend op de voorkant.

Lotte trok haar broekje naar beneden en ging zitten. Het potje was koud aan haar billen. Ze wachtte.

Er kwam niets.

"Nog niet," zei Lotte.

Pluis, de poes, kwam binnen. Ze liep langs het potje, zonder te kijken. Ze wilde naar de kraan. Die drupte elke keer een beetje, en Pluis vond dat het lekkerste water van het hele huis.

Lotte zat nog steeds. Ze telde tot tien. Ze telde nog eens tot tien. Er kwam niets.

"Nog niet," zei ze weer.

Toen sprong ze op en rende naar de grote wc. Dat was vast sneller. Maar de bril was te groot en te hoog, en haar voeten bungelden in de lucht. Lotte klom er weer af. Dat was de lange weg geweest.

Ze ging terug naar de eend. Ze zuchtte en keek naar Pluis.

Pluis zat onder de kraan met haar tong naar boven. Druppel. Druppel. Druppel. Bij elke druppel deed Pluis haar ogen dicht.

Lotte keek mee. Druppel. Druppel. Ze vergat te tellen. Ze vergat te wachten. Haar schouders zakten naar beneden, zacht als een kussen.

Ineens klonk er een geluid.

Tsssssss.

Pluis schrok en sprong met een grote boog van de wasmand af. Een druppel viel nog net naast haar neus.

"Pluis!" riep Lotte. "Ik plas! Ik plas op het potje!"

Pluis ging weer onder de kraan zitten alsof er niets gebeurd was. Druppel, deed de kraan.

Lotte bleef nog even zitten. Ze voelde het potje warm worden onder zich, en ze hoorde het laatste kleine tsjsss. Daarna was het stil, op de kraan na.

Druppel. Druppel. En Pluis die zachtjes spinde.